Kindermishandeling, de ziekte waar mensen levenslang last van hebben
Jeugdarts Ben Rensen heeft zich afgelopen decennia ingezet voor kwetsbare gezinnen. Hij maakte zich sterk voor kinderen met traumatische ervaringen. Hij zette zich in om kinderen uit arme gezinnen op een sportclub te krijgen en stak zijn nek uit om ervoor te zorgen dat een hulpbehoevend kind in het speciaal onderwijs terecht kon. Een arts die vanuit eigen jeugdervaringen weet hoe belangrijk het is dat er mensen zijn die echt iets voor je doen. In dit artikel deel ik een vier van zijn uispraken:
Als er één ziekte is, waar kinderen en hun omgeving levenslang last van hebben, is het kindermishandeling
Door mishandeling wordt het gevoel van basisveiligheid aangetast. Want mensen die je zou moeten kunnen vertrouwen doen je pijn. Fysiek of psychisch.
Het kind verliest het vertrouwen in mensen om zich heen. En een leven lang worstelt het met de gevolgen van de mishandeling.
Praat met kinderen net zo open over kindermishandeling als over een snotneus
Kindermishandeling is geheim geweld. Het is een groot taboe om er over te praten. Daarnaast zijn mishandelde kinderen zeer loyaal naar hun ouders. Uit zichzelf komen ze niet met hun verhaal. Dus als je je zorgen maakt, dan vraag je het kind hoe het gaat. En je vraagt door. Net zoals je dat bij een snotneus zou doen.
We screenen niet al die kinderen om er vervolgens niets mee te doen
Bijna elke beroepsgroep maakt gebruik van screeningsinstrumenten om vroegtijdig problemen te signaleren. Bij kindermishandeling moeten professionals zoveel drempels over voordat ze in actie komen, dat er nauwelijks wordt ingegrepen. Daarom moeten beroepskrachten zich beter scholen. Hierdoor worden veel drempels weggenomen. Daarnaast moeten ze zich bewust zijn van hun eigen attitude en ervaringen t.a.v. opvoeding en geweld. Dit kan namelijk een flinke blinde vlek veroorzaken.
Liever een pond preventie, dan een kilo aan therapie
Opvoedsituaties lopen nu heel vaak uit de hand. Wat je ziet is dat het met de kinderen uit deze gezinnen op latere leeftijd heel slecht gaat. Ze gaan het verkeerde pad op of krijgen ernstige gedragsproblemen. Op het moment dat de maatschappij er last van krijgt, is er ineens dure hulp beschikbaar. Veel belangrijker is om op jonge leeftijd steeds te bekijken wat er goed gaat en wat niet. En op dat moment hulp in te zetten die het gezin nodig heeft.



